Hoe belangrijk zijn koolhydraten?

Koolhydraten zijn een belangrijke bron van energie voor het menselijk lichaam. Koolhydraten komen voor in product(groep)en als granen en graanproducten, aardappelen, peulvruchten en fruit maar ook in zoetigheid als koek en snoep.  

Koolhydraten worden gebruikt als brandstof voor je lichaam, tijdens fysieke beweging maar ook voor je hersenen en centrale zenuwstelsel. Je gebruikt het op dit moment voor het lezen van de les, maar ook als je gaat wandelen of trainen in de gym. Koolhydraten zorgen ervoor dat je voldoende energie hebt om je dagelijkse activiteiten uit te voeren en lekker te trainen. Koolhydraten leveren per gram 4 kilocalorieën aan energie [1].  

Er zijn verschillende soorten koolhydraten, namelijk: 

  • Simpele koolhydraten: ook wel suikers genoemd. Ze zitten in zoetigheden als snoep, frisdrank, koek en tafelsuiker, maar ook in witbrood, fruit en honing. 
  • Complexe koolhydraten: ook wel zetmeel genoemd. Ze zitten in producten als volkoren graan(producten), aardappelen en peulvruchten. 

Complexe koolhydraten zijn over het algemeen nutriëntrijker dan simpele koolhydraten, omdat ze in verhouding meer vitaminen, mineralen en vezels bevatten [1].  

Scheikundig gezien bestaan simpele en complexe koolhydraten uit verschillende structuren. Deze structuren kun je indelen in drie groepen: 

  • Monosachariden: dit zijn de simpele koolhydraten, die bestaan uit één molecuul. Er zijn drie verschillende monosachariden, namelijk glucose, fructose en galactose.  
  • Disachariden: dit zijn ook simpele koolhydraten, maar deze bestaan uit twee moleculen. Disachariden bestaan altijd uit één glucosemolecuul en één andere monosacharide. De bekendste disachariden zijn sacharose, maltose en lactose.  
  • Polysachariden: dit zijn de complexe koolhydraten. Ze bestaan vaak uit lange strengen moleculen van de monosacharide glucose. De belangrijkste polysachariden zijn glycogeen, zetmeel en vezels [1].  

Wanneer je voedingsmiddelen eet die koolhydraten bevatten, breekt het lichaam de koolhydraten af tot kleine losse moleculen. Alle koolhydraten worden afgebroken tot losse moleculen glucose. Het lichaam absorbeert deze moleculen en kan ze gebruiken als energie. Daarnaast wordt een deel van deze moleculen opgeslagen als glycogeen in de spieren en de lever [1]. 

Bronnen 

[1] Whitney E, Rolfes, SR. Understanding Nutrition. Twaalfde druk. Wadsworth: Cengage Learning; 2008. Hoofdstuk 4. 

Vond je dit artikel interessant?

Ja 👍🏼Nee 👎🏼

Als je je mening achterlaat, kunnen we onze blogartikelen verbeteren.